Gebroken lineaire functie
Een gebroken lineaire functie is een functie die in de teller en in de noemer een lineaire functie heeft:
De allereenvoudigste gebroken lineaire functie is
waarbij v de snelheid in kilometers per uur is. En dat is precies de functie
De grafiek van een gebroken lineaire functie is een hyperbool, en wel een gelijkzijdige, dus met asymptoten die loodrecht op elkaar staan. In vergelijking met de afbeeldingen in dat artikel is ze bovendien zo gedraaid dat ze niet naar gekruiste schuine lijnen toe loopt, maar naar een horizontale en een verticale. Zo ziet bijvoorbeeld de grafiek van de functie
Bij het voorschrift horen nog twee voorwaarden, c ≠ 0 en ad − bc ≠ 0. Als c = 0, zou er in de noemer geen x staan en zouden we een gewone lineaire functie krijgen. Bij ad − bc = 0 is de teller juist een veelvoud van de noemer, de breuk kun je vereenvoudigen en er blijft een constante functie over.
De functie k gedeeld door x
We beginnen met de functie
We proberen een paar getallen in te vullen in de functie
De rode kromme in de afbeelding hoort bij de functie
- voor k>0 liggen de takken van de hyperbool in het eerste en derde kwadrant,
- voor k<0 liggen ze in het tweede en vierde kwadrant.
De assen x en y, waar de grafiek naartoe loopt, noemen we asymptoten.
Nu moeten we oppassen voor een valkuil waar bijna iedereen intrapt. De functie
Verschoven grafiek en herleiden van de algemene vorm
De grafiek van de functie
heeft dezelfde grafiek als
Het algemene voorschrift
In de noemer staat x − 1, dus we proberen dezelfde uitdrukking ook in de teller te maken. Twee keer x − 1 is 2x − 2, en om daaruit de teller 2x + 1 te krijgen, moeten we er nog drie bij optellen:
We vullen dit in de breuk in:
De breuk splitsen we in een som van twee breuken:
In de eerste breuk delen we x − 1 weg:
Tot hetzelfde resultaat kom je ook met staartdeling van veeltermen: (2x + 1):(x − 1) geeft 2 met een rest van 3. Uit het resultaat kunnen we gemakkelijk m = 1, n = 2 en k = 3 aflezen. De asymptoten zijn de lijnen x = 1 en y = 2. Omdat k positief is, liggen de takken ten opzichte van de asymptoten rechtsboven en linksonder, net als bij
Het domein herkennen we aan de noemer, die niet nul mag zijn, dus x ≠ 1. De waarde 2 neemt de functie daarentegen nooit aan, omdat de breuk
Dan blijven de snijpunten met de assen over. In het snijpunt met de x-as is y = 0 en een breuk is alleen nul als de teller nul is:
Het snijpunt met de y-as vinden we door voor x nul in te vullen:
De grafiek snijdt de x-as in het punt
Merk op dat het snijpunt met de y-as ook uit de herleide vorm volgt: